Nationaalsocialisme, socialisme en stalinisme

Het socialisme kent verschillende beschrijvingen. Enorm veel politieke ideologieën noemen zich socialistisch en nog meer politieke partijen hebben het woord ‘’socialistisch’’ in hun naam staan. Maar ondanks dat vele zich ‘’socialistisch’’ noemen zijn maar een paar die echt voor een socialistische maatschappij strijden.

Het nationaalsocialisme is GEEN SOCIALISME. Tegenstanders van het socialisme roepen vaak dat nationaalsocialisme een socialistische ideologie zou zijn. Waarom roepen antisocialisten dat? Dat komt omdat de Nationaal Socialistische Duitse Arbeiders Partij, twee socialistische namen gebruikt. Ten eerste het woordje ‘’Socialistische’’ en het tweede woordje; ‘’Arbeiders’’. Daarom wordt beweert dat ook het nationaalsocialisme een vorm van socialisme zou zijn. Nazisme is een afkorting voor nationaalsocialisme. 


Toch is het nazisme niet socialistisch. Adolf Hitler en de NSDAP hebben nooit de macht van het kapitalisme in Nazi Duitsland gebroken. Het enigste bedrijf dat de nazi’s ooit genationaliseerd hebben is de Duitse Rijksspoorwegen. Pas in 1942 werden grote delen van de Duitse economie genationaliseerd. Maar dat kwam door de oorlog en niet door de nazi ideologie.

De nationaalsocialistische ideologie zegt duidelijk een tegenstander te zijn van het marxistische socialisme. Ze haten de joodse kapitalisten, maar Duitse kapitalisten die pro-nazi waren hadden niets te vrezen. Het klopt dat de nazi overheid veel invloed had op de economie, maar hun economisch model was niet gebaseerd op het socialistische ideaal van arbeidersdemocratie en democratische planning van de productie. De werknemers bleven slaven aan de wil van de kapitalisten en de nazi overheid.

Voor mensen die niet bekend zijn met het marxistische socialisme, kan het zeer verwarend zijn. Al die partijen al  die ideologieën. Het is vaak zeer makkelijk om alles dat zich ‘’socialistisch’’ noemt op één hoop te gooien. Maar dat is juist wat men niet moet doen. Je kunt niet alles gelijkschakelen. Adolf Hitler was een felle tegenstander van het socialisme. Hij liet elke socialist oppakken en opsluiten in kampen. Zijn regime staat haaks op alle idealen van het socialisme. Nooit, maar ook nooit zou Hitler de arbeiders bevrijd hebben, uit de klauwen van het Duitse kapitalisme.

De sociaal democratie wordt vaak ‘’socialistisch’’ genoemd. De Partij van de Arbeid ( PvdA ) wordt in de school boeken een ‘’socialistische’’ partij genoemd, waarom? Om die vraag te beantwoorden moeten we terug gaan in de tijd.

In 1834 werd de Communistische Liga gesticht. De eerste socialistische beweging ooit. De groep was revolutionair maar miste een visie en een programma. Karl Marx en zijn vriend; Friedrich Engels waren het, die de Communistische Liga een programma gaven. Dat programma kreeg de naam; Het Communistische Manifest. Karl Marx en Friedrich Engels werden de belangrijkste theoretici van de Communistische Liga.

Echter revolutionaire idealen werden niet getolereerd in het victoriaanse tijdperk. De adel en de monarchisten zagen het gevaar van het communisme en deden alles om de Communistische Liga het zwijgen op te leggen. In 1852 was hun dat gelukt. Door onenigheid en contrarevolutionaire handelingen werd de Liga ontbonden. Maar Karl Marx ging verder met zijn revolutionaire werk. Hij schreef; Das Kapital, een aanklacht tegen de onmenselijke kapitalistische maatschappij en werd al snel een bekendheid bij veel socialisten.

In 1863 werd de Generale Duitse Arbeiders Vereniging opgericht. Dit was de eerste linkse Duitse partij. Er waren twee stromingen te onderscheiden. Een reformistische stroming en een revolutionaire stroming. De reformisten wouden samenwerken met de burgerij                     ( bourgeoisie ) en een evolutionaire weg naar het socialisme. De revolutionairen wouden geen samenwerking met de aanhangers van het kapitalisme, zij wouden een revolutionaire weg naar het socialisme.

Karl Marx en Friedrich Engels behoorde tot de revolutionaire stroming. Zij pleiten voor een revolutionaire opstand der arbeiders tegen het kapitaal. In het nog niet verenigde Duitsland, werd in 1869 de Sociaal Democratische Arbeiders Partij gesticht. De socialisten noemde zich sociaal democratisch om zo aan te geven dat ze sociaal waren voor de arbeiders en voor een democratisch bestuur vochten. Alle socialisten noemde zich sociaal democratisch, van reformisten tot revolutionairen.

Het was dus heel normaal dat socialisten bekend stonden onder de naam sociaal democraten. Maar er kwam al snel een verschil. De reformistische socialisten begonnen de sociaal democratie te ontwikkelen. De sociaal democratie was een ideologie die ervan uitging, het socialisme pas te ontwikkelen nadat de burgerij de macht had gekregen. Deze burgerij zou sterk moeten worden en pas nadat die sterk genoeg was, zouden de arbeiders het van hun overnemen ( het socialisme ).

Karl Marx keerde zich echter fel tegen dit reformisme. Hij vond het onacceptabel dat socialisten, de burgerij moesten steunen. De grootste tegenstander van Karl Marx, werd Eduard Bernstein. Hij pleite voor de sociaal democratie en tegen het revolutionaire socialisme dat al snel bekend werd als marxisme. De sociaal democraten ( socialisten ) kwamen al snel in burgerlijke parlementen terecht. Daar pleitte ze voor grote sociale veranderingen. Veel rechtse conservatieven hadden een flinke hekel aan die linkse rakkers. Ondanks hun strijdvaardigheid lag de meeste macht niet bij een parlement. De adel en de monarchisten waren in 1870 nog altijd de baas over bijna alle landen in Europa.

Karl Marx stierf in 1883, Friedrich Engels leefde tot 1895. Na hun dood waren de sociaal democraten echt opgedeeld in twee groepen. De reformisten en de revolutionairen waren nu de dominante groepen binnen het socialisme.
Het was voor de sociaal democraten een moeilijke tijd, moesten ze de reformisten volgen? Dan hadden ze grote kans dat ze aan de macht kwamen en dat ze invloed konden uitoefenen op de heersende burgerij. Of moesten ze de revolutionairen volgen en pleiten voor een revolutionaire opstand?

In 1914 kwam de grote test. In dat jaar begon de eerste wereld oorlog. De imperialisten van Europa trokken ten strijden voor god en vaderland. De Sociaaldemocratische Partij van Duitsland ( opvolger SDAP ) stond in 1914 onder het commando van reformisten. Ze besloten om de Duitse keizer te steunen in zijn oorlog. De revolutionaire sociaal democraten waren woedend. Vooral de Rosa Luxemburg en Karl Liebknecht waren felle tegenstanders van de imperialistische oorlog en de reformistische SPD koers. 

De reformisten waren niet blij met Luxemburg en Liebknecht. Volgens SPD leider; Friedrich Ebert, moesten de Duitse arbeiders juist patriottistisch zijn en strijden voor de glorie van het Duitse Keizerrijk. In 1915 verlieten Rosa Luxemburg en Karl Liebknecht de SPD. Ze besloten een revolutionair socialistische partij op te richten. Deze partij kreeg de naam Spartacus Liga en was vernoemd naar de Romeinse slavenleider Spartacus.

In Rusland waren de sociaal democraten verenigd in de Russische Sociaal Democratische Arbeiders Partij. Net als in het westen was de partij verdeeld in reformisten en revolutionairen. De revolutionairen hadden de naam; bolsjewieken, want zij waren in de meerderheid. De reformisten waren in de minderheid en hadden de naam; mensjewieken.

Vladimir Lenin was de leider van de bolsjewieken. Hij was een revolutionaire sociaal democraat, die Rusland wou transformeren in een arbeidersstaat. In 1912 splitste zich de Russische Sociaal Democratische Arbeiders Partij op. Er waren toen twee partijen die naam RSDAP droegen.  

In februari 1917 kwamen de Russische arbeiders in opstand tegen de tsaar. Met hulp van de mensjewieken grepen burgerlijke democraten de macht. De tsaar werd afgezet en een republikeinse regering werd gevormd. De mensjewiek; Alexander Kerensky werd de eerste president van Rusland.

De bolsjewieken waren tegen de burgerlijke regering. Zij hadden zich verenigd in arbeidersraden, genaamd; sovjets. Er kwamen al snel spanningen tussen de raden en de burgerlijke regering. De mensjewieken wouden dat alle politieke besluiten door de regering genomen moesten worden. Maar de bolsjewieken wouden geen burgerlijke regering.

In oktober 1917 riepen de arbeidersraden ( sovjets ) de socialistische revolutie uit. Bolsjewistische soldaten namen de mensjewistische regeringsleiders gevangen. Lenin werd gekozen tot voorzitter van de raad van volkscommissarissen. Hij werd daarmee de eerste leider van de Russische Socialistische Federatieve Sovjet Republiek. Voor het eerst in de geschiedenis van het socialisme hadden de revolutionair socialisten de macht gegrepen.

De reformisten waren woedend. In geheel Europa keerde de reformistische sociaal democraten zich tegen de Russische revolutie. Daarop besloot Lenin om de naam van zijn RSDAP te veranderen. Hij koos voor de naam; Russische Communistische Partij. De Russen waren de eerste revolutionaire sociaal democraten, die het oude woord ‘’communistisch’’ weer gebruikte.

In Duitsland hernoemde Rosa Luxemburg en Karl Liebknecht hun Spartacus Liga om in de Communistische Partij van Duitsland ( KPD ). De SPD was daar niet van gediend. De reformistische sociaal democraten waren toe getreden tot de burgerlijke regering en konden een socialistische revolutie niet gebruiken. Daarom stuurde de Duitse regering van Friedrich Ebert, rechtse nationalisten op de opstandige communisten af. Tussen 1918 en 1921 werden 15.000 Duitse revolutionairen vermoord. De rechtse nationalisten namen Rosa Luxemburg en Karl Liebknecht gevangen. Ze werden gruwelijk gemarteld en toen vermoord. Hun lichamen dumpte men in een rivier.  

Na de dood van Luxemburg en Liebknecht, werd de naam; sociaal democraat, een naam voor socialisten die het burgerlijke parlementarisme steunde. Revolutionaire socialisten noemde zich communisten en splitste zich los van de sociaal democratische arbeiders partijen.  Tussen 1918 en 1928 was het socialisme dus zeer duidelijk verdeeld. Je had de sociaal democraten, die aan de kant van de parlementaire burgerlijke democratie stonden en je had de communisten die voor een radendemocratie vochten.


In 1928 veranderde de communisten van tactiek. De wereldrevolutie werd niet meer hun doel. De communistische partijen moesten van de nieuwe Unie van Socialistische Sovjet Republieken ( USSR ) ‘’het socialisme in eigen land’’, nastreven ( het stalinisme ). Bedenker van het ‘’socialisme in eigen land’’ was de sovjet leider; Joseph Stalin.

Communisten die tegen deze nieuwe sovjet leider waren, werden door de communistische partijen geroyeerd. Deze antistalinistische communisten noemde zich revolutionair socialistisch en bevochten niet alleen de nu stalinistische communisten, maar ook de reformistische sociaal democraten. 

Een voorbeeld van een revolutionair socialistische antistalinistische partij was de RSP. De Revolutionair Socialistische Partij was in 1928 gesticht door de communist; Henk Sneevliet. Sneevliet had de Communistische Partij van Holland verlaten omdat die het stalinisme omarmde. Dit stalinisme moesten alle communistische partijen accepteren.

Wat is het stalinisme?

Het stalinisme kent de volgende karakteristieke eigenschappen;

-          Het geloof dat één partij het alleenrecht heeft om een land te besturen
-          Dat een partijleider een groot voorbeeld is en vereerd moet worden
-          Dat het socialisme in eigen land eerst opgebouwd moet worden
-          Dat communisten coalities aan moeten gaan met de progressieve burgerij
-          De heerschappij van een enorme staatsbureaucratie over de arbeiders

Voor de reformistische sociaal democraten kwam het stalinisme als een engel uit de hemel. Nu konden ze de communisten gelijkschakelen met dictatuur en onderdrukking. Het bewijs voor hun propaganda konden ze vinden in Rusland. Stalin en zijn bende zorgde voor enorme misdaden tegen de mensheid. De sociaal democraten noemde het de misdaad van het ‘’communisme’’ tegen de arbeiders. Veel arbeiders besloten daarom de sociaal democraten te steunen in plaats van de communisten.

Anticommunisme zorgde ervoor dat heel wat communisten vervolgd werden. Vaak kregen de burgerlijke overheden hulp van de sociaal democraten, die bereid waren om de kapitalistische staat te helpen met hun jacht op communisten.

Toen het nationaalsocialisme in 1933 in Duitsland opdook, veranderde de communisten weer van tactiek. Stalin wou nu dat de communisten gingen samenwerken met de sociaal democraten, terwijl tussen 1928 en 1933 de sociaal democraten door Stalin afgebeeld moesten worden als ‘’sociaal fascisten’’. De sovjet dictator had gemerkt dat de arbeiders de sociaal democratische arbeiderspartijen steunde. Dus introduceerde hij de Volksfront theorie.

Communisten moesten samen met de sociaal democraten en leden van de progressieve burgerij, een coalitie maken. Deze coalitie zou dan de fascisten buiten houden en voor sociale veranderingen kunnen zorgen. Daarmee kun je Stalin vergelijken met de reformisten, die wouden ook samenwerken met de burgerij. 

Het Volksfront kwam in Spanje voor het eerst aan de macht. De communisten van de Spaanse Communistische Partij steunde de republikeinse burgerlijke regering van Spanje. Antistalinistische socialisten grepen samen met anarchisten in 1936 de macht in Zuid-Spanje. Daar werd het kapitalisme afgeschaft en namen arbeidersraden de macht over. De republikeinse regering was woedend en stuurde stalinistische milities naar het zuiden.

Ondertussen verenigde zich de Spaanse fascisten en nationalisten, onder de vlag van generaal Franco. Deze rechtse generaal was fel anticommunistisch en zag in het Volksfront een groot gevaar voor het katholieke Spanje. Hij begon een opstand, deze opstand leidde tot de Spaanse burgeroorlog die tot 1939 zou duren. De stalinistische milities en de anarchisten waren zo vaak met elkaar in conflict, dat de nationalisten in 1939 de burgeroorlog wonnen. Spanje werd een fascistische dictatuur.

De sociaal democraten waren officieel nog steeds aanhangers van het marxisme. Ondanks hun reformisme was het socialisme nog steeds hun einddoel. Dat was ook de oorzaak waarom veel burgerlijke regeringen liever geen sociaal democraten als coalitiepartners hadden. Die ‘’rooien’’ waren niet te vertrouwen, vooral christenen en conservatieven waren zeer antisocialistisch.

Toen de nazi’s in 1939 aan de tweede wereld oorlog begonnen, mochten de communisten van Stalin niets tegen Hitler doen. De Sovjet Unie had namelijk een pact gesloten met Nazi Duitsland en Stalin wou Hitler ten vriend houden. Terwijl Duitsland Europa veroverde, moesten de communisten zich koest houden. Pas in 1941, toen de Duitsers de Sovjet Unie aanvielen, was Adolf Hitler opeens de grote schurk. Stalin gaf toen pas toestemming om de nazi’s in bezet Europa te bestrijden.

Na 1945 was oost Europa stalinistisch geworden. Oost Duitsland, Polen, Bulgarije, Roemenie en Tsjecho-Slowakije kregen allemaal het sovjet stalinistische politieke systeem. Voor de anticommunistische sociaal democraten kwam dat goed uit. De communisten konden door hun steun aan Stalin, prachtig neergezet worden als aanhangers van een dictatoriale ideologie.

In de jaren 50 was het anticommunisme enorm hoog. Zo hoog zelfs dat de sociaal democraten afstand gingen nemen van het socialisme. Socialisme werd niet meer hun einddoel. De sociaal democratie moest een ideologie worden voor iedereen. In plaats van een socialistische samenleving streefde de sociaal democraten, een sociale kapitalistische samenleving na. Men kan dus zeggen dat de sociaal democraten na 1945, hun geloof in het socialisme steeds vaker opgaven voor regeringsdeelname.

In de loop der jaren zaten de sociaal democraten vaak in coalities met de christen democraten. Sociale politiek was wel iets waar de christenen zich in konden vinden. Daarmee hadden de sociaal democraten hun coalitiepartner gevonden. Ook al waren de christen democraten zeer antisocialistisch, toch waren ze bereid om vaak samen te werken.

Wat wou de sociaal democratie bereiken?

-          Progressieve belastingen, zodat de sociale zekerheid betaald kon worden
-          Eerlijke lonen en een 8-urige werkdag
-          Opbouw van de verzorgingsstaat
-          Een sociale markt economie, met een grote rol voor de overheid

De liberalen waren altijd felle tegenstanders van overheidsbemoeienis geweest. Tussen 1945 en 1990 was het ondenkbaar dat sociaal democraten en liberalen ooit met elkaar zouden kunnen samenwerken. Het was de christen democratie die altijd aan de macht was. Soms aan de kant van de sociaal democraten en soms aan de kant van de liberalen.

Over algemeen waren de reformistische sociaal democraten na 1945 pro-Amerikaans. Zowel de Nederlandse; Partij van de Arbeid als de Sociaaldemocratische Partij van Duitsland, kozen de kant van Amerika tijdens de koude oorlog. De stalinisten van de Communistische Partij van Nederland stonden dan weer aan de kant van Moskou. 

Was de sociaal democratie nu socialistisch bezig? Nee, als je bekijkt wat het socialisme nastreeft, dan merk je dat de sociaal democraten nooit het socialisme invoerde. De media van de burgerij zette de sociaal democraten vaak neer als ‘’rode honden’’, maar echt een gevaar voor de burgerij waren de sociaal democraten na 1945 nooit.

In Scandinavië kwamen de sociaal democratische arbeiderspartijen bijna altijd aan de macht. Rechtse partijen konden nooit voorkomen dat de heersende sociaal democraten een verkiezing verloren. De landen; Noorwegen, Finland, Zweden en Denemarken werden enorm welvarend en er heerste een grote sociale zekerheid. De levensstandaard in Noord Europa is nog altijd het hoogste van de gehele wereld.

Maar de droomwereld van de sociaal democraten hield niet eeuwig stand. Het kapitalisme was het zat om aan de hoge eisen van de sociaal democraten te voldoen. Die hoge belastingen, de hoge loonkosten en de invloed van de staat, waren hun een doorn in het oog. 

Wanhopig zocht het kapitalisme naar uitwegen. In 1983 werd hun een uitweg geboden. De stalinisten in China waren de eerste revolutionairen die het stalinisme opzij gingen zetten. De leider van de Chinese Communistische Partij; Deng Xioaping begreep dat het stalinisme niet meer kon voldoen aan de eisen van de partij elite. Daarom werden speciale economische zones opgericht. In deze vrije markt zones, mochten buitenlandse kapitalisten handel drijven en Chinese arbeiders gebruiken.

Het werd een enorm succes. China besloot om de vrije markt nog meer ruimte te geven. Na de ondergang van het stalinisme in 1990 opende China haar arbeidsmarkt voor het buitenlandse kapitalisme. Het kapitalisme vierde feest. Meteen vertrokken duizenden bedrijven naar China omdat daar de loonkosten veel lager waren dan in Europa.

Dat zorgde in het westen voor sociale onrusten. Arbeiders kwamen op straat te staan en verloren hun baan. De sociaal democraten raakte in paniek en onder invloed van de anticommunistische liberalen, lieten de sociaal democraten hun linkse idealen opzij zetten. De kapitalisten moesten weer terug gelokt worden. Daarom besloten de sociaal democraten, de christen democraten en de liberalen om het neoliberalisme in te voeren.

Wat is het neoliberalisme?

-          Privatisering van overheidsbedrijven
-          Marktwerking in bijna alle sectoren van de economie
-          Lagere belastingen voor het bedrijfsleven
-          Vermindering van de sociale zekerheid
-          Ontslagrecht versoepelen  

Het eerste neoliberale kabinet in Nederland, was paars 1 van Wim Kok. Dit kabinet was een coalitie tussen de Partij van de Arbeid ( sociaal democraten ) en de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie ( liberalen ). In 1994 begon Wim Kok met de privatisering van de overheidsbedrijven. Volgens liberale logica zouden deze bedrijven dan beter draaien.

Veel overheidsbedrijven draaide vaak inefficiënt. Dat kwam omdat de staatsmanagers vaak geen benul hadden van wat ze moesten doen. De staat kon vaak niet goed de behoeftes van de mensen centraal inschatten. Logisch ook want de arbeiders hadden geen invloed op de staatsbedrijven. De bedrijven werden bestuurd door de burgerlijke staat en die bepaalde de koers.

Eenmaal geprivatiseerd ging het echter niet altijd goed. De post en de spoorwegen werken nog altijd niet perfect. In plaats van lagere tarieven en goedkope treinkaartjes, wordt alles duurder en duurder. De paarse kabinetten maakte er een bende van. De sociaal democraten verloren daarmee hun linkse imago en werden vaak salonsocialisten genoemd. Dat kwam omdat vaak leden van de burgerij voor de sociaal democratische arbeiderspartijen, in het parlement zaten op hoge salarissen. 

Van het stalinisme was niets terecht gekomen. In de Sovjet Unie bestuurde een bureaucratische elite de staat en de economie. Nooit hadden de arbeiders enige vrijheid of invloed. In 1985 koos de Communistische Partij van de Sovjet Unie een nieuwe leider. Michail Sergejevitsj Gorbatsjov werd de generaal secretaris en daarmee staatshoofd van de Sovjet Unie.

Hij merkte dat het stalinisme totaal mislukt was. Maar in plaats van het socialisme in te voeren, besloot Gorbatsjov om net als Deng Xiaoping te gaan experimenten met het kapitalisme. In tegenstelling tot wat veel westerse mensen denken, wou Gorbatsjov helemaal geen democratie invoeren. Hij wou de elite van de communistische partij aan de macht houden. Alleen de centralistische plan economie van de Sovjet Unie wou hij laten vervangen door een gedeeltelijke markt economie.

De hervormingen die Gorbatsjov invoerde zorgde voor een revolutie. Na jaren van stalinistische dictatuur wouden de sovjet burgers vrij zijn. Vrij van de gehate KGB, vrij van de oude mannen die jaren lang, hun wil en wet opgelegde. In 1988 mochten sovjet burgers oppositie partijen oprichten en in 1990 werden voor het eerst democratische verkiezingen gehouden. Toch kon dat het stalinisme niet redden. Onder invloed van het kapitalistische westen wonnen contrarevolutionairen de verkiezingen. De stalinisten probeerde een staatsgreep, maar die werd door het sovjet volk tegen gehouden.
In december 1991 kwam een einde aan de Unie van Socialistische Sovjet Republieken. De ondergang van het zogenaamde ‘’communisme’’ had een enorme invloed op de sociaal democratie en op alle arbeiderspartijen.

Wat waren de gevolgen van de ondergang van het ‘’socialisme’’ in de Sovjet Unie?

-          Rechtse partijen verklaarde dat het socialisme mislukt was
-          De sociaal democraten lieten hun oude socialistische principes volledig in de steek
-          De communistische partijen verdwenen van het politieke toneel
-          Aanhangers van het kapitalisme beweerde dat men nu de vrije markt moest aanvaarden.

Ondanks de ondergang van het stalinisme, bleven twee landen trouw aan de klassieke stalinistische koers. Het eerste land was Cuba en andere land is Noord Korea.
Cuba was in 1961 stalinistisch geworden, toen Fidel Castro het land ‘’socialistisch’’ noemde. Noord Korea was als stalinistische volksrepubliek door de Sovjet Unie in 1948 gesticht. Kim Il Sung werd de ‘’almachtige’’ en ‘’geliefde’’ leider van dit land. Deze twee landen zijn nu de laatste landen waar het kapitalisme nog niets te zeggen heeft.

De antistalinistische revolutionair socialisten hebben nooit echt een rol gespeeld tijdens de koude oorlog. Politiek links was toen verdeeld tussen de sociaal democraten en de stalinisten. Toch zijn er altijd socialisten geweest die fel antikapitalistisch en antistalinistisch waren. Henk Sneevliet is het Nederlandse voorbeeld en Leon Trotsky het Russische.

Er zijn altijd revolutionairen geweest die trouw zijn gebleven aan de originele marxistische ideologie. Ze hebben zich niet laten misleiden door de reformistische sociaal democraten of de verraderlijke stalinisten. Helaas zijn ze nooit erg groot geworden. Maar de toekomst bied kansen. In 2008 werd de Ierse socialist; Joe Higgins gekozen in het Europese parlement. Higgins behoord tot de trotskistische socialisten en is een felle tegenstander van zowel de sociaal democratie als het stalinisme.

Door de verrechtsing van de sociaal democratie ontstond een vacuüm. Dit vacuüm werd opgevuld door rechtse populisten en hervormde stalinisten ( SP, DIE LINKE ). Nieuwe linkse formaties proberen de nu burgerlijke sociaal democraten met hun eigen sociaal democratie te bevechten. Helaas bieden dit soort nieuwe linkse partijen, weinig revolutionaire alternatieven. Partijen zoals de Nederlandse; Socialistische Partij en de Duitse; DIE LINKE, blijven sociaal democratisch en hebben geen duidelijk revolutionair socialistisch programma. 

Een Socialistisch Alternatief blijft dus een noodzakelijkheid. 



Leden van de rechtse; Tea Party
Beweren dat Hitler een socialist was
Hoe dom kun je zijn?

Strijd, Solidariteit, Socialisme

Strijd, Solidariteit, Socialisme